Naar de hoofdinhoud Naar de navigatie

Gertjan de Werk en Gijs Derks over de volgende fase van Platform Toekomstbestendig Bouwen

30 september 2026

Begin augustus droeg programmaleider Gijs Derks het Platform Toekomstbestendig Bouwen over aan Gertjan de Werk. Die laatste was eerder onder meer betrokken bij de Samenwerkingsagenda en het Innovatie- en Opschalingsprogramma Woningbouw en brengt daarmee ervaring mee met programma’s waarin verschillende partijen en duurzaamheidsopgaven samenkomen. Een mooi moment dus om de twee samen aan tafel te zetten en te vragen naar de overdracht, hun kijk op de volgende fase van het platform en wat er nodig is om toekomstbestendig bouwen verder te brengen.

Voor Gijs is de overdracht een natuurlijk moment om terug te kijken op wat er de afgelopen periode is opgebouwd. Het platform groeide uit tot een organisatie met ingerichte werkgroepen en een kernteam dat de verschillende onderdelen met elkaar verbindt. “We hebben een stevige basis neergezet. Het platform heeft nu de potentie om echt op te schalen. Daarom is dit een mooi moment om het stokje door te geven.”

Een nieuwe koers is daarvoor niet nodig. “De volgende stap is vooral om de opgebouwde kennis, het netwerk en de samenwerking beter te benutten en toekomstbestendig bouwen verder naar de praktijk te brengen,” vertelt Gijs.

Verbinden en toepassen

Gertjan hoefde niet lang na te denken toen hij werd gevraagd. Hij ziet voor de komende jaren een duidelijke opgave: “Mijn ambitie is om de verschillende programma’s en initiatieven in Nederland rond toekomstbestendig bouwen beter met elkaar te verbinden.”

Toekomstbestendig bouwen gaat daarbij niet alleen over het formuleren van ambities, maar vooral over de toepassing ervan. Hoe gaat een gebied om met klimaatverandering? Hoe maken we ruimte voor natuur en biodiversiteit? En hoe zorgen we dat deze vragen vanaf het begin onderdeel zijn van gebiedsontwikkeling? “De grootste uitdaging is het omzetten van ambities naar de praktijk. Daar ligt een belangrijke rol voor het platform.”

Dat vraagt om een integrale manier van kijken. Thema’s als klimaat, natuur en gezondheid staan niet los van elkaar. Een wadi draagt bijvoorbeeld tegelijk bij aan waterberging, biodiversiteit, klimaatadaptatie en de kwaliteit van de openbare ruimte. “Je moet veel meer denken in ontwerpprincipes in plaats van alleen in harde randvoorwaarden, eisen en indicatoren. Dan wordt toekomstbestendig bouwen een ontwerpuitdaging vanaf het begin in plaats van een verzameling eisen die je over de schutting gooit.”

Het platform kan daarin een verbindende rol spelen: bestaande kennis en initiatieven bij elkaar brengen, ervaringen uit projecten delen en partijen helpen om ambities daadwerkelijk toe te passen.

Eén gezamenlijke taal

Die integrale benadering sluit aan bij een ontwikkeling die afzwaaiend programmaleider Gijs al langer ziet binnen het platform. “Cirkelstad heeft de afgelopen tien jaar gewerkt aan een gezamenlijke taal voor circulariteit. Na Het Nieuwe Normaal zien we nu dat toekomstbestendig bouwen niet zozeer meer ambitie nodig heeft of hogere eisen, maar vooral een gezamenlijke taal.”

Gertjan sluit daarbij aan: Op dit moment worden in verschillende programma’s en projecten veel verschillende indicatoren en eisen gebruikt. “Wat we in de praktijk nu zien, is dat de eisen en indicatoren voor toekomstbestendig bouwen per gebied sterk verschillen en elkaar vaak in de weg zitten. Als je altijd dezelfde indicatoren gebruikt, dan weten alle partijen waar ze aan toe zijn, op elke plek. Dan kunnen processen en documenten worden geuniformiseerd. Dat is een cruciale voorwaarde voor versnelling, opschaling en betaalbaarheid. Nu wordt door projectleiders alles elke keer opnieuw bedacht omdat de spelregels niet duidelijk genoeg zijn. Terwijl ieder gebiedsontwikkeling(proces) in de basis voor tachtig procent hetzelfde is en dus de stappen en documenten die er voor nodig zijn ook.”

Zijn ambitie is daarom om veel meer te standaardiseren. “Ik denk dat we moeten streven naar tachtig procent standaardisatie. Niet om alle gebiedsontwikkelingen hetzelfde te maken, maar om ruimte te creëren voor het maatwerk dat er werkelijk toe doet. De basis is hetzelfde, de details kunnen verschillen. Nu is het bijna andersom: negentig procent is maatwerk en slechts tien procent kunnen we generiek toepassen. Het goede nieuws is dat we met de Nationale Aanpak Biobased Bouwen, Ecolaw en het Expertteam Woningbouw al heel veel hebben ontwikkeld. Het grootste deel van wat we nodig hebben, ligt dus op de plank. Dat gaan we samen met deze partijen actualiseren en actief ontsluiten voor onze partners.”

Loslaten goud, zilver en brons

Ook de nieuwe aanpak van het platform Toekomstbestendig Bouwen past in die beweging. Het loslaten van brons, zilver en goud betekent volgens Gijs niet dat de ambities verdwijnen, maar dat er anders naar de toepassing ervan wordt gekeken. “We willen beter kunnen bespreken wat een gebied nodig heeft en hoe we dat realiseren, in plaats van vooral bezig te zijn met juridische documenten en discussies voeren over het wel of niet stapelen van eisen”

Dat vraagt om een verschuiving van normeren naar implementeren. “De ambitie vasthouden, maar die op een realistische manier helpen toepassen. Het platform moet naast partijen staan, meewerken aan projecten en tegelijkertijd kritisch blijven. Goede voorbeelden aandragen van hoe het kan en waar het wel is gelukt hoort daar ook bij”

Daarmee wordt ook het netwerk belangrijker. Volgens Gijs ligt er een belangrijke opdracht in het activeren van de partners die al bij het platform betrokken zijn. Gertjan sluit daarbij aan: “De beweging hoeft daarbij niet vanuit één centraal punt te ontstaan. Juist door op verschillende plekken tegelijk aan de slag te gaan, partijen met vergelijkbare vraagstukken aan elkaar te verbinden en ervaringen uit projecten te delen, kunnen ontwikkelingen elkaar versterken.”

Een sterk platform is dan ook meer dan een organisatie met een visie. Het is een netwerk waarin partijen elkaar vinden, kennis delen en samen werken aan de toepassing ervan. “Ik wil een platform met toegewijde partners die actief meedenken en bijdragen aan de implementatie van nieuwe spelregels voor gebiedsontwikkeling en verdere ontwikkeling van dit gedachtengoed.”

Een volgende fase

De overdracht markeert daarmee vooral een volgende fase. De afgelopen jaren stonden in het teken van het opbouwen van het platform en het ontwikkelen van een gezamenlijke basis. De komende periode draait om het benutten daarvan: programma’s en initiatieven beter verbinden, werken aan een gezamenlijke taal en die vertalen naar concrete toepassingen in de praktijk.

Partners worden nadrukkelijk uitgenodigd om daaraan bij te dragen. “Ik hoop dat partners met ons meedenken over hoe we die gezamenlijke taal daadwerkelijk kunnen invoeren. Niet alleen zeggen wat er beter moet, maar samen kijken wat ervoor nodig is om ermee te kunnen werken.”

Bijdragen?

Wil jij ook actief aan de slag met toekomstbestendig bouwen en bijdragen aan de opschaling? Partners dragen bij aan het ontwikkelen van de gezamenlijke taal en krijgen hulp bij het implementeren van die taal in hun eigen organisatie. We wijzen de weg in het woud van toekomstbestendige gebiedsontwikkeling én ontwikkelen gezamenlijk de kennis en tools waar de partners behoefte aan hebben bij implementatie in beleid en gebiedsontwikkeling. Zo zet je altijd effectief de volgende stap met de hulp die het beste bij jou en jouw organisatie past.  Ook partner worden? Neem dan contact op met info@toekomstbestendigbouwen.nl